De Top 25 Meest Voorkomende Software Fouten: Een Overzicht

In onze steeds meer gedigitaliseerde wereld speelt software een cruciale rol in bijna elk aspect van ons leven. Maar met deze afhankelijkheid komt ook de kwetsbaarheid van software voor fouten. Dit artikel werpt een beknopte blik op de ‘Top 25 Meest Voorkomende Software Fouten’, waarbij we de aard, oorzaken en mogelijke gevolgen van deze fouten verkennen.

Van kleine gebruikersinterface-problemen tot ernstige beveiligingslekken, deze fouten kunnen variƫren in impact en complexiteit. Door inzicht te krijgen in deze gebreken kunnen ontwikkelaars en beveiligingsexperts stappen ondernemen om ze te voorkomen.

Deze verkenning van de ‘Top 25 Meest Voorkomende Software Fouten’ biedt niet alleen bewustzijn, maar ook inzicht in best practices om de betrouwbaarheid van software te vergroten. Door te leren van het verleden kunnen we streven naar een toekomst waarin software innovatief en robuust is, en daarmee een solide basis vormt voor verdere digitale vooruitgang.

  1. CWE-200: Exposure of Sensitive Information to an Unauthorized Actor

Deze zwakte verwijst naar situaties waarin vertrouwelijke gegevens, zoals wachtwoorden, persoonlijke informatie of bedrijfsgeheimen, toegankelijk worden voor personen of systemen die hier geen toestemming voor hebben.

 

  1. CWE-226: Improper Input Validation

Dit houdt in dat gebruikersinvoer niet voldoende wordt gecontroleerd op geldigheid en veiligheid. Hierdoor kunnen aanvallers mogelijk schadelijke gegevens invoeren die de applicatie in gevaar brengen.

 

  1. CWE-79: Improper Control of Resource Consumption

In dit geval is er onvoldoende beheer van systeembronnen zoals geheugen, processortijd of netwerkbronnen. Dit kan leiden tot prestatieproblemen, crashes of uitbuiting door aanvallers.

 

  1. CWE-94: Improper Control of Generation of Code (Code Injection)

Dit betreft situaties waarin aanvallers kwaadaardige code kunnen injecteren in een applicatie, vaak via invoervelden. Hierdoor kan de aanvaller ongeautoriseerde code uitvoeren en het systeem overnemen.

 

  1. CWE-89: Improper Input Handling

Deze zwakte komt voor wanneer de applicatie gebruikersinvoer niet correct verwerkt, waardoor aanvallers mogelijk schadelijke code kunnen injecteren. Dit kan leiden tot aanvallen zoals cross-site scripting (XSS) of SQL-injecties.

 

  1. CWE-601: Missing Authentication for Critical Function

Dit houdt in dat belangrijke functies binnen een systeem niet voldoende worden beschermd met authenticatie. Dit kan ongeautoriseerde toegang tot gevoelige informatie of functies mogelijk maken.

 

  1. CWE-754: Improper Neutralization of Special Elements in Output (‘Injection’)

Hierbij wordt het gebrek aan voldoende beveiliging tegen injectieaanvallen benadrukt, waarbij aanvallers schadelijke code in uitvoer kunnen injecteren. Dit kan leiden tot datalekken of systeemovername.

 

  1. CWE-741: Use of Hard-coded Credentials

Deze zwakte doet zich voor wanneer inloggegevens of wachtwoorden rechtstreeks in de broncode worden geplaatst. Als deze gegevens worden gecompromitteerd, kan dit leiden tot ongeautoriseerde toegang.

 

  1. CWE-284: Improper Access Control

Dit verwijst naar situaties waarin het systeem de toegangscontroles voor gebruikers niet correct beheert. Dit kan resulteren in onbevoegde gebruikers die toegang krijgen tot bepaalde bronnen of functies.

 

  1. CWE-319: Out-of-bounds Read

Hierbij leest een programma gegevens buiten de toegestane grenzen van een gegevensstructuur. Dit kan leiden tot crashes, gevoelige informatieblootstelling of onverwacht gedrag.

 

  1. CWE-787: Out-of-bounds Write

Dit gebeurt wanneer een programma gegevens schrijft buiten de toegestane grenzen van een gegevensstructuur. Dit kan leiden tot gegevensbeschadiging, crashes of mogelijkheden voor aanvallers.

 

  1. CWE-798: Use of an Externally Controlled Resource without Mitigation

Dit verwijst naar situaties waarin een applicatie een externe bron gebruikt die niet onder de volledige controle van de applicatie staat. Dit kan leiden tot onbedoelde uitbuiting door aanvallers.

 

  1. CWE-295: Improper Initialization of Sensitive Data

Dit treedt op wanneer belangrijke gegevens niet op de juiste manier worden geĆÆnitialiseerd, waardoor aanvallers mogelijk toegang krijgen tot gevoelige informatie.

 

  1. CWE-416: Use After Free

Hierbij probeert een programma een bron (zoals geheugen) te gebruiken nadat deze is vrijgegeven. Dit kan leiden tot crashes of het uitvoeren van schadelijke code.

 

  1. CWE-732: Use of a Broken or Risky Cryptographic Algorithm

Dit duidt op het gebruik van zwakke of verouderde cryptografische algoritmen, wat de beveiliging van gegevens en communicatie kan compromitteren.

 

  1. CWE-326: Incorrect Calculation

In dit geval worden berekeningen of logica in de software niet correct uitgevoerd, wat kan leiden tot foutieve resultaten of beveiligingslekken.

 

 

  1. CWE-761: Insecure Logging

Hiermee wordt gewezen op het gebrek aan voldoende beveiliging bij het vastleggen van loggegevens, wat kan resulteren in blootstelling van gevoelige informatie aan aanvallers.

 

  1. CWE-800: Failure to Restrict Access to Resources

Dit gebeurt wanneer een applicatie geen adequate maatregelen neemt om de toegang tot bronnen of functies te beperken, waardoor onbevoegde gebruikers mogelijk schade kunnen aanrichten.

 

  1. CWE-919: Improper Control of Resources by a Web Application

Hierbij heeft een webapplicatie geen adequate controle over het beheer van systeembronnen, wat kan leiden tot uitputting van bronnen en prestatieproblemen.

 

  1. CWE-502: Deserialization of Untrusted Data

Dit gaat over het deserialiseren van gegevens die afkomstig zijn van onbetrouwbare bronnen, wat kan leiden tot uitvoering van schadelijke code.

 

  1. CWE-352: Cross-Site Scripting (XSS)

Dit verwijst naar aanvallen waarbij aanvallers kwaadaardige code in webpagina’s injecteren, die dan worden uitgevoerd in de browsers van gebruikers en toegang krijgen tot gegevens.

 

  1. CWE-264: Improper Restriction of Functionality

Hiermee wordt aangegeven dat de applicatie niet goed beperkingen oplegt aan bepaalde functies of mogelijkheden, wat kan leiden tot ongeoorloofde acties.

 

  1. CWE-287: Improper Input Validation: Regular Expression

Dit betreft onvoldoende validatie van gebruikersinvoer die gebruikmaakt van reguliere expressies, wat kan leiden tot zwakheden zoals denial-of-service-aanvallen.

 

  1. CWE-711: Use of Insufficiently Random Values

In dit geval wordt zwakke of voorspelbare willekeurigheid gebruikt, wat de veiligheid van toepassingen die afhankelijk zijn van willekeurige waarden ondermijnt.

 

  1. CWE-415: Out-of-bounds Read (Array Indexing)

Dit gebeurt wanneer een programma gegevens probeert te lezen buiten de toegestane grenzen van een array, wat kan leiden tot crashes of informatieblootstelling.